Actueel

Een lang gekoesterde wens van me heb ik zelf eindelijk in vervulling laten gaan. Welke wens? Kijk hier maar:
de Sax & de Wals

 


 

Reacties

Hans Dulfer

tenorsaxofonist en inspirator...


"Ik had het al gelezen en ben het natuurlijk helemaal met je eens omdat jouw ideeen over het leren bespelen van een instrument (sax) precies dezelfde zijn als de mijne."
Het is een aanpak waardoor je heel snel sax kan spelen.

www.hansdulfer.nl

BLOG - Petersax
in dit BLOG ga ik regelmatig 'ontdekkingen' uit eigen ervaring beschrijven.

6. Articulatie; niet in let-ter-gre-pen spelen

De articulatie bij het saxofoonspelen kun je heel goed vergelijken met die van het praten; en daar hebben we veel ervaring mee..

Een van de (vele) mooie eigenschappen van de saxofoon is dat je er bijna alles mee kunt doen wat je met praten ook doet. Normaal volume, fluisteren, schreeuwen, veel variaties in het aanzetten (van staccato tot legato), geluid aanhouden (sustain); je geluid varieren van warm, zwoel tot fel.

Maar het articuleren valt voor velen niet mee; vaak klinkt het nog wat houterig. En dat heeft dan vooral met de aanzet en de ademsteun te maken.

                niet in let-ter-gre-pen spelen !

Ik wijs er vaak op dat men de noten net als bij het praten aan elkaar moet verbinden, maar dan wel zonder legato te gaan spelen. Portato (gedragen) wordt dat genoemd.

Als je te lomp aanzet of als je tong te lang tegen het riet plakt klinkt het alsof je in-let-ter-gre-pen speelt.
Een goede ademsteun kan je daar bij helpen; tussen de noten door moet je de (lucht)druk te laten staan (net als wanneer je praat) en niet steeds even te laten zakken. Voor mij voelt het alsof ik mijn tong steeds wegblaas van het riet.

Doe maar eens met je stem ‘tuutuutuutuu’ en daarna ‘duuduuduuduu’.
Dat laatste klinkt en voelt veel vloeiender.

Tips:

Verbeter je ademsteun; zie binnenkort in dit BLOG
‘Kijk’ wat er allemaal gebeurt als je praat; je ademsteun werkt dan trouwens perfect.

 

 

5. Vingerpasjes: danspasjes voor je vingers!      

 

Net zoals bij dansen kun je op de saxofoon 'lastige vingerbewegingen in een bepaalde volgorde' oefenen net als je met moeilijke danspasjes doet. Herhaal een bepaalde lastige greepvolgorde (vingerpasjes) een aantal keer achter elkaar; begin langzaam en voer geleidelijk het tempo op. Als het redelijk gaat ga je over naar legato; je hoort dan duidelijk wanneer je vingers niet goed getimed de kleppen openen en/of sluiten.. 

Voer de snelheid weer op en je merkt dan dat je er (bijna) niet meer bij nadenkt.Je creeert hiermee een motorisch geheugen voor die phrase in je vingers.
Op het moment dat je in dat muziekstuk die passage tegenkomt zul je merken dat je daar nu veel soepeler doorheen gaat.

Tip: bij een langere lastige passage begin je achteraan met een niet al te lang stuk. Als dat lekker loopt 'plak' je er een stukje voor, begin je dus een stukje eerder. En zo oefen je langzaam maar zeker de hele passage.

 

 

4. Zing een stuk eerst eens door!                                        

Je hoeft niet mooi te kunnen zingen; het gaat vooral om de ritmische patronen uit te puzzelen zonder afgeleid te worden door het ook nog moeten bedienen van je instrument. Door het zingen heb je het ritme al zo’n beetje in je hoofd/lijf. Je hebt al ‘n idee hoe het stuk ongeveer moet gaan klinken. Als je daarna het stuk met je sax gaat spelen weet je al hoe het ritmisch gaat en kun je je meer concentreren op welke nootjes er staan. 

Als er een meespeel-CD bij zit dan is het ook nuttig om even een paar maten van de begeleiding te horen. Dan weet/voel je alvast het tempo, het ritme en de stijl van het nummer aan.

Tip: als je dan toch zo bezig bent kijk dan ook alvast even of en waar de herhalingen zitten en wat de vaste voortekens zijn.



3. Uit je hoofd spelen - 2e keer moeilijker...                          

Als je een bekend liedje zonet spelend op je gehoor hebt uitgezocht, gaat het de 2e keer vaak moeizamer.
Mijn verklaring daarvoor is dat je de 1e keer heel goed luistert naar het 'liedje in je hoofd' maar vanaf de 2e keer geneigd bent om te be-denken wat je de 1e keer ook alweer gespeeld/gevonden had; welke nootjes waren het ook al weer? Je luistert dan dus niet meer zo goed naar het 'liedje in je hoofd'.
Je bent ineens veel meer aan het denken en dat belemmert het op je gehoor spelen.

TIP: Blijf goed luisteren naar de muziek die je in je hoofd hebt; dat maakt het ook gemakkelijker om op je gevoel te spelen.

 

 

2. Relaxte houding en embouchure.                                               

Met een relaxte houding speel je het fijnst.
Ik zeg vaak tegen mijn leerlingen: “als je houding er tijdens het spelen vreemd uitziet speel je ook niet relaxed” ........
Vaak zie ik bijvoorbeeld dat iemand met zijn/haar hoofd een beetje naar voren gebogen staat te spelen. Zo belast je de nek onnodig veel; je knijpt daardoor ook je keel een beetje dicht. En het ziet er ook nog eens best raar uit, niet ‘cool’ zeg maar. Ook is het verstandig mooi rechtop te staan; lijkt zo logisch..

Ga maar eens staan, hou de sax dwars en til hem een beetje op zodat hij niet aan je nek hangt. Let nu goed op je houding, of je lekker staat zonder spanning, draai je hoofd ‘n keer rustig naar beide kanten. Laat daarna de sax zakken zodat hij aan je nek hangt en probeer dezelfde houding te houden. Breng nu het mondstuk heel langzaam naar je mond; niet andersom dus niet je mond naar je monstuk! Blaas even rustig noot en voel of je nog steeds even rustig staat. Herhaal dit af en toe eens

 TIP: De laatste jaren wordt veel aandacht besteedt aan het ontwerpen van 'gezondere' saxofoon-straps. De traditionele straps trekken nogal in je nek en omdat we veel achter de computer zitten is onze nek vaak wat gevoeliger. Een erg fijn alternatief is de Saxholder ; ziet er in eerste instantie wat raar uit maar voldoet erg goed; de sax hangt nu op je schouders en lijkt door de constructie wel lichter. Heb ik al veel gezien en gebruik deze zelf ook vaak.

Laat bij het ademhalen je schouders hangen; dan ga je vanzelf ook lager ademhalen wat je uiteindelijk een betere ademsteun geeft. Hier kom ik in een ander stukje nog wat uitgebreider op terug.

Ook een relaxte embouchure is erg nuttig! Kijk in de spiegel en zie of je gezicht niet te veel verandert als je begint te blazen. Dus geen overdreven spanningen in je wangen of mondhoeken. En met 2 spiegels kun je ook goed bekijken of je je onderkaak niet naar voren of achter beweegt als je begint te blazen. Hoe minder er verandert hoe beter.



1. De duimsteun - niet om mee te tillen!                                             
(15 april 2014)

De duimsteun op een saxofoon is niet bedoeld om de sax mee op te tillen maar om je duim op de juiste (steeds zelfde) plek te houden. Als je de sax met je duim gaat optillen kan dat tot een pijnlijke duim en/of arm leiden; je strap is er speciaal om de sax te dragen. dat extra tillen zet geen zoden aan de dijk.  Je kunt de sax wel met die duim van je af duwen; en klein beetje of juist veel, voor de show bijvoorbeeld; pas daarbij wel op dat je je arm niet te zwaar belast. Hierbij geldt ook: oefening baart kunst.

 

Copyright © 2013. All Rights Reserved Xixion Webdesign | Drukwerkadvisering